Even iets anders. Wat is de deal met dit:

Schijnbaar hebben ze (met toestemming van Yoko “vetste naam ooit” Ono) John Lennon digitaal nagemaakt om deze ad te kunnen maken. Dat is opzich best goed gelukt. Alleen… als ze dat allemaal kunnen… waarom heeft hij dan de stem van Ringo Starr?
Tijd voor reference material:

Wat is het toch met Ellen Page en oude mannen? De grote heldin van de amerikaanse indie-film kiest haar rollen er echt op uit. Wat is haar bizarre fascinatie met pedofilische personages in scenario’s?

SPOILERS (get over it, kijk een film.)

Eerst was er Hard Candy.
Controverse alom (in nederland vonden we het vooral een ‘vette’ film, maar wij zijn dan ook een taboeloos land, zo vinden we zelf.). Ellen (17 at the time) speelt een 14 jarige als ik me niet vergist, die via internet een volwassen kerel overhaalt af te spreken, waarna ze hem psychologisch doodmartelt, maar dat weet het publiek dan nog niet natuurlijk. We vonden het allemaal maar wat gedurfd van dat meisje. Goed gespeeld ook. Tuurlijk.
Twee jaar later (al maakte ze tussendoor ook nog Mouth To Mouth, waar het thema schijnbaar ook aangekaart werd, ik weet het niet, ik heb het niet gezien) speelde ze in The Tracey Fragments,
waar ze door de ghetto trash versie van Kenan Thompson eens goed onderhanden genomen wordt. Ongewenst uiteraard. Een uiterst nare scene. Goed gespeeld ook. Tuurlijk.
Tijd voor roem. Datzelfde jaar haalde Fox Searchlight een whoppin’ 144 miljoen dollar (zo’n 20 euro) binnen met Juno,
een semi-indie-film* over zwangere tiener Junebug McGuff. Allemaal schattige indie-muziek van Kimya Dawson (die je, zoals bij alle voormalig obscure artiesten, tegenwoordig schijnbaar niet meer goed mag vinden omdat ze bekend is), hippe jive-ass tieners en gitaren. Jason Bateman (bekend, maar in Nederland niet, van Arrested Development) als Mark Loring, de adoptievader van Juno’s baby, die gedurende de film een onschuldige pedofiele quasi-crush op de gebekte horizontale-strepen-maken-je-dik-tiener opbouwt. Juno huilt wat en geeft het kind aan de (tegen die tijd ex-)vrouw van Mark. Minder heftig dan in Candy en Fragments, maar subtiel of niet, het is aanwezig. Goed gespeeld ook. Tuurlijk.
Tegen deze tijd is Page de favoriete filmchick voor iedereen die niet van Jessica Simpson houdt, en beginnen mensen haar oude films te ontdekken. De rode lijn in haar carriere komt voor het eerst tevoorschijn. Een jaar later krijgen we dit:
Smart People.

Ze speelt een tiener (Is Scarlett Johansson de enige die op die leeftijd iemand van een paar jaar ouder, ipv jonger speelde?) die, gek genoeg, verliefd wordt op d’r, jaja, oom (zie plaatje). Die is echter iets te wijs voor dat soort fout-heden, en zorgt dat de afstand er blijft. Haar broer heeft het allemaal door, maar die acteur heeft niet genoeg screenpresence om aandacht waardig te zijn, dus dat stuk plot verdwijnt een beetje. Ellen heeft het er moeilijk mee, blablabla. Goed gespeeld ook. Tuurlijk.
Ok, geen idee echt wat de moraal van deze log is, maar ik vond het gewoon frapant dat Ellen iets heeft met oudere mannen (of iig personages die iets hebben met oudere mannen). Misschien iets in haar duistere verleden ofzo dat die fascinatie in het leven geroepen heeft. Misschien heeft ze wel echt iets met oudere mannen. Dan zou ik wel ouder willen zijn.
Goed. Tot zo ver dit.
*Indie-film: Een film die helemaal op eigenkracht van de filmmakers van de grond komt, met een laag budget enzo.
Semi-indie-film: Hetzelfde, maar dan met een budget van 7,5 miljoen, met een stuk of 10 wereldberoemde acteurs in de hoofdrollen. Tuurlijk krijg je fucking budget als je J.K. Simmons, Jennifer Garner en Jason Bateman in je adresboekje hebt staan.
Indy-film: Een film met een enorm budget, Steven Spielberg als regisseur, en Harrison Ford in de hoofdrol als jaren 30 held Indiana Jones.
Semi-indy-film: Alles met Brendan Fraser.

Ok, ik zal eerlijk zijn, ik was te jong om de hype meegemaakt te hebben, dus heb de film niet ervaren toen hij net uit kwam, maar ik geloof dat het nederlands publiek de ‘het is echt’ scheme sowieso niet echt voor waar nam. Amerika trapte er masaal in (at least some of them did) en de film werd een instant classic, niet zozeer omdat mensen dachten dat het echt was, maar omdat het er zelfs voor een getraint oog echt uitzag. Een nieuw genre was geboren. Films hoefden niet met dikke 35 mm camera’s geschoten te worden, men nam gewoon een cheapo handycam en filmde het alsof de hoofdpersoon het zelf filmt.

WARNING: SPOILERS
Het eerste voorbeeld dat ik nam was natuurlijk
The Blair Witch Project (1999)

Ik heb deze net pas voor het eerst gezien. Ookal is het eigenlijk de eerste van deze vier die gemaakt is (Zelfs een dikke 8 jaar voor de anderen) was ik er nooit aan toe gekomen. Ik heb The Shining gezien nadat iedereen zei dat hij eng was, en toen vond ik hem dus niet meer eng, omdat ik overal op voorbereid was. En dat zeiden ze bij Blair ook, dus ik verwachtte net als bij The Shining dat mijn angst-verwachtingen zo hoog opgelopen zouden zijn dat niks meer eng kon zijn. Ik ben het vehikel uiteindelijk (na zelf twee dagen in een soortgelijk bos een docu geschoten te hebben) toch maar gaan kijken.
Het begin pakte me gelijk vast. Het deed me erg denken aan het amateuristische filmgemaak van mezelf een paar jaar terug. De interviews waren sterk, ze gaven veel informatie zonder cheesy te worden, dat vond ik erg knap, en het afwisselen van 16mm en handycam was effectief. Door die soort van dorpslegendes wordt het gewone bos freaky, zelfs wanneer er niks gebeurt, je blijft toch voor de zekerheid uitkijken voor monsters en blair witches die van achter bomen te voorschijn kunnen springen (dit ook mede omdat ik verwachtte dat het eng zou worden).
Het is eigenlijk pas wanneer de karakters zelf panisch beginnen te worden en de bovennatuurlijke shit begint te gebeuren dat de film mij compleet kwijt raakt. Ik zat zo in dat gegeven van mensen die zichzelf gek kunnen maken, boos worden, met elkaar opgesloten zitten… Het kon een soort moderne versie van The Treasure of the Sierra Madre zijn. Alle John Huston thema’s lagen voor het oprapen.
In plaats daarvan werd de cast geteistert door stemmen van kinderen en uit zichzelf bewegende steentjes en weet ik het wat. Het acteerwerk (vooral van Heather Donahue) is fantastisch, maar ze kan de supernatural onzin niet drie kwartier in d’r eentje dragen. Als uiteindelijk dat vette eindshot komt, met die kerel die tegen de muur aan staat, en ineens de interviews uit het begin hun aansluiting vinden, is het al te laat. Na 30 minuten verveling (spannende verveling, ja, maar verveling none the less) is het voor mij helaas verloren. Wel is het beroemde shot (zie plaatje) z’n roem meer dan waard.
Belangrijke filmmaak les die we geleerd hebben: Geef de film een grootsere climax, die veel aan de film toevoegd dat we niet al in het eerste uur gezien hebben.
Dat leidt ons naar
REC (2007)
Waar bij Blair de personages in een bos verdwaalt zijn, zijn bij de spaanse indie horror REC de hoofdpersonen opgesloten in een flatgebouw omdat daar een nare epidemie is uitgebroken. Als ze eruit komen vormen ze een bedreiging voor de maatschappij, want als je besmet raakt wordt je een zombie-achtige schreeuwlelijk. Alleen nu wil het feit dat ze nog lang niet allemaal besmet zijn…
Na een sterke intro waarin de platte manier van documaken van regiotelevisie (duidelijk een soort SBS6) op de hak genomen wordt, barst de film los als een keiharde zombiehorror met alle bijbehorende ingredienten: gore en ruzies tussen een steeds kleiner groepje mensen.
Maar na zestig minuten ben ik al dat gillen en rennen toch echt wel zat. Er zit geen enkele diepgang in. Na de milde maatschappelijke kritiek van de openingsscenes wordt geen enkel personage meer uitgediept. Daar lijdt de film enorm onder. Iedereen blijft zo plat dat het me op een gegeven moment echt niet meer uitmaakt of ze leven of sterven. De personages hebben toch geen inhoud.
Daarnaast hangt REC veel te veel op z’n schrikmomenten. Het probleem met schrikeffecten is namelijk dat om te schrikken moet je een korte pauze inbouwen waarin je even van het puntje van je stoel afgelaten wordt, om er vervolgens weer terug op te schieten zodra de hand uit het graf komt. De schrikdichtheid van REC ligt zo hoog, dat op de schrikmomenten na eigenlijk de hele film uit die rustpauzes bestaat.
Daardoor krijg je dat er eigenlijk niks gebeurt, want je kan in een rustmoment niet druk aan je plot gaan werken, en dat je na een tijdje alle schrikeffecten al lang aan ziet komen, waardoor ze niet meer werken, Dit heeft als oorzaak dat je vooral verveeld naar het laatste uur van de film zit te kijken. Met de mogelijke uitzondering van de laatste kamer waar de personages komen, want kwa einde is REC zeker Blair voorbij gegaan. Ineens komt het plot tevoorschijn en wordt de boel weer interessant. Ook krijgen we in REC de ‘Blair Witch’ wel te zien.
Jammer alleen van de leegte tussen het begin en het einde. Op die twee knallen na is REC in plaats van de duizendklapper die het had moeten zijn, eigenlijk enkel een lont die zestig minuten smeult en af en toe knispert.
Belangrijke filmmaak les die we geleerd hebben: Inhoud is belangrijk. De kritiek uit de openingsscene was sterker dan de griezeligste zombie. Kijk maar naar zombiefilm grootmeester George A. Romero, die gebruikt het zombiegenre (dat hij overigens zelf gepioniert heeft in ’68 met Night of the Living Dead, ook de eerste film met een zwarte held waarbij z’n huidskleur geen plotpoint is). Maakte Romero zelf maar een Point Of View Horror…
Diary of the Dead (2007)
Eindelijk. In Blair werd de zelf-film methode uitgevonden, in REC werd hij uitgebuit, in Diary krijgt de vreemde filmstijl dan eindelijk een doel. Romero, die in Dawn of the Dead de materialistische maatschappij onder de loep nam, in Day of the Dead met het Amerikaanse leger aan de haal ging en in Land of the Dead de beschaafdheid van het complete mensenras in twijfel trok, levert met zijn vijfde zombiefilm zijn strengste kritiek yet.
De youtube wereld, de onbetrouwbaarheid en subjectiviteit van de media, de iedereen-doet-alles-zelf cultuur, de iedereen-vindt-dat-hij-ook-alles-goed-kan cultuur, alle moderne maatschappelijke filmwaarheden worden aangepakt. Romero stelt vragen over of het wel echt zo goed is dat tegenwoordig iedereen kan filmen, en of we als mensheid wel inzien wat dat betekend voor de geloofwaardigheid en sowieso waarde van wat we te zien krijgen. Ook vraagt hij of we door alle shit die we kijken niet alleen voor films maar ook voor het echte leven afgestompt zijn.
Romero heeft het zelfs zo druk met zijn boodschap uitdragen, dat hij op een aantal iconische zombiescenes na (die ook wel echt fantastisch zijn), eigenlijk helemaal geen tijd meer heeft om een zombiefilm te maken. Het is meer een soort Michael Moore makes a zombieflick geworden. Los van het feit dat ik dat zeer waarderen kan (ik vind iemand die via een zombiemetafoor een wereldvisie geeft boeiender dan iemand die zwarte ogen krijgt, krijst en doodgeschoten wordt) doet hij het genre misschien niet helemaal eer aan. De film is opzich zeker spannend, maar het element dat voor de naam ‘horror’ gezorgd heeft (namelijk de horror) is toch een beetje verdwenen. Misschien is het genre van paranoid-horror wel helemaal niet geschikt voor deze filmstijl. Een ander pulpgenre waar de maatschappelijke boodschap een belangrijke rol speelde was de monsterfilm. Gojira (Godzilla, 1954) is Ishiro Honda’s kritiek op de atoombom en de westerse manier. Zou een godzilla film beter geschikt zijn voor het geef-de-acteur-de-camera-genre?
Cloverfield (2008)
Over Cloverfield kan ik bar weinig schrijven, ik merk gewoon dat ik niet goed kan verklaren waarom ik deze film zo vet vind. Ik ga alsnog een poging wagen.
Voor het eerst sinds Blair werd er weer gebruik gemaakt van een interessante marketing campaign, nieuwsberichten en reclameboodschappen die een hint konden zijn naar wat er gebeuren ging verschenen overal op het net (maakt met terugwerkende kracht eigenlijk Romero’s boodschap sterker; hoeveel nieuwsberichten zijn eigenlijk reclames? Hoeveel echte filmpjes op youtube zijn nep?).
Cloverfield is echter, tegen wat ik misschien deed vermoeden (ookal heeft die ene persoon die misschien deze blog leest de film waarschijnlijk toch al gezien dus hoef ik dit niet te zeggen) niet gemaakt vanuit de atoombomkritiek van Gojira en de Roland Emmerich remake uit ’98. J.J. Abrams wou gewoon een cool monster. Punt.
Dat is dan ook erg aan de film af te merken. De maatschappelijke diepgang is geheel verdwenen, en eigenlijk zijn we nog verder van het filmmaken verdwenen dan zelfs Blair, want dit is de eerste van de vier die niet eens over een filmmaker gaat. Dit is gewoon een dude die de handycam van z’n buddy in z’n handen geduwt krijgt. Cloverfield is gemaakt vanuit een ander oogpunt dat achteraf helemaal zo gek nog niet is: We zien altijd monsters een land aanvallen vanuit de president van het land en/of de professor die alles op kan lossen. Serizawa in Gojira, Tatopoulos in Godzilla, heck, Goldblum en Pullman in Independence Day. Wat als we nou achteraf een tape gevonden zouden hebben van gewoon normale mensen die het ook meemaakten en opnamen met hun handycams? Mensen die niet de wereld hebben gered, maar gewoon verpletterd werden in the crossfire.
Bij 9/11 bleek dat veel meer mensen dan verwacht handycams aan hadden staan, zelfs bij het eerste vliegtuig. Het filmen was daar geen reactie zoals bij de tweede jet, het gebeurde gewoon. Iedereen filmt de hele tijd alles.
Laten we Godzilla echt maken. Wat zou er op zo’n tape staan als het echt gebeurde?
Ik denk persoonlijk dat ze hier behoorlijk in geslaagd zijn. Om echter die hoge werkelijkheid weer te geven moet een heleboel inhoud opgegeven worden. Mensen dragen nu eenmaal in hun ‘we moeten hier wegrennen’ gesprekken geen Romero filosofieën uit.
De redenen dat het hier wel werkt en bij REC niet zijn ten eerste dat Cloverfield niet hangt op de schrikeffecten. Cloverfield wil je niet bang maken door je bang te maken, maar door je te confronteren met het feit dat je zelf in die situatie waarschijnlijk net zo’n loser zou zijn als de personages. Het is niet het monster dat eng is, jij bent het zelf.
Ten tweede is Cloverfield een genre waarin we nog nooit een groepje onbelangrijke mensen hebben gevolgt. Bij de zombiefilms is het echter ALTIJD een groepje onbelangrijke mensen. Binnen het zombiegenre voegt REC niets toe, Cloverfield binnen het monstergenre wel.
En als laatste: Dat monster is gewoon fucking cool. Gillende zombies zijn eigenlijk maar sullig. Een zombiefilm staat niet bij de bedreiging van één zombie, hij staat bij het feit dat de zombies los niks voorstellen, maar met hun honderden ineens toch erg gevaarlijk worden. Bij een monsterfilm is één monster wel genoeg.
Conclusies: Het is vet om je film door je hoofdpersoon te laten filmen als er een goede reden voor is. Dat kan zijn om je publiek te laten geloven dat het echt is (Blair), om een boodschap uit te dragen over dat iedereen tegenwoordig alles maar zelf filmt (Diary) of om de mensen te confronteren met dat ze zelf niet zulke helden zijn als je vaak in films ziet (Cloverfield).
Dan uiteindelijk de… eh… top vier van door hoofdpersonages gefilmde films:
4. REC
3. The Blair Witch Project
2. Diary of the Dead
1. Cloverfield
Na een serie films vanuit het oogpunt van de cameraman en enkele vanuit het oogpunt van de schrijver (Adaptation, Stranger than Fiction) ben ik benieuwd naar een film vanuit het oogpunt van de regisseur.

Er zijn weinig regisseurs alive today die echt een eigen stijl hebben. Iets waaraan je ze kan herkennen, thematisch, visueel, auditief, op elk vlak. Tim Burton is een schoolvoorbeeld, John Woo was in de jaren tachtig en begin jaren negentig zo’n iemand, verder is het groepje gering.
Natuurlijk zijn er miljarden filmmakers die altijd hetzelfde doen, maar het is wel zaak dat dat wat ze doen echt iets is dat van hun is, iets dat zij uitgevonden hebben, niet iets dat al bestaat.
Wes Anderson is waarschijnlijk wel een van de belangrijkste leden van die club. Je weet bij zijn films vanaf shot 1 altijd meteen dat het zijn film is, en hij heeft zijn stijl in de afgelopen 12 jaar alleen maar geperfectioneerd.
Ik zag gisteren wederom zijn eerste succes (en tweede film) Rushmore.
Hold the phone! Hold the fuckin’ phone! What was that?!
I knew it! Alexis Bledel figureerde in Rushmore voordat ze Gilmore Girls deed! Haha!

10. Leonard Nimoy in Invasion of the Bodysnatchers

Ik ben er nogsteeds niet over uit of deze film een guilty pleasure is of dat ik hem met recht cool mag vinden. In ieder geval is het einde kick-ass en zijn Donald Sutherland en Jeff Goldblum cool. Leonard Nimoy… is fucking irritant.
9. Tom Cruise in The Last Samurai
Opzich best een leuke film. Als je tenminste Tom Cruise eruit zou halen, want dan had je gewoon een samurai film met japanners, zoals het hoort. Want samurai zijn namelijk japans. Sorry Tom, it’s true.
8. David Schwimmer in Apt Pupil
Zeer vette thriller van Bryan “The Usual Suspects” “X-men” Singer. Alleen waarom er een leraar op school gespeeld moet worden door Ross is me bijster. Zelfs met idioot snorretje is hij altijd een friends personage en nooit een leraar op een school in een zeer vette thriller. Fuck off, Ross.
7. Charlton Heston in The Ten Commandments
In het begin gaat het wel. Beetje banter tussen hem en Yul Brynner or whatever the hell his name is. Dat werkt wel. Zodra hij echter het woord van God (dubbelrol van Heston) heeft gehoord en gaat preken over wat “The God Of Abraham” allemaal wel niet wil en wat niet wordt hij irritant. I was rooting for Rameses.
6. Shane Brolly in Underworld
Stoere actiefilm over vampiers en weerwolven en what not. Coole mythology vooral, maar Shane Brolly is een nogal irritant personage. En hoe kan het ook anders als je zo’n domme naam hebt. Brolly. Haha.
5. Gothmog (The Pink Orc With A Tumor Instead Of A Head) in The Lord of the Rings: The Return of the King
Hij heeft een tumor in plaats van een hoofd.
What the fuck.
4. Joe Pesci in Lethal Weapon 2, 3 en 4
Whatever you want, Leo Getz. Get it? Getz? Get? Getz? Dat is me wel bijgebleven, dat zinnetje. Andere dingen die mij bijgebleven zijn zijn het feit dat Mel Gibson zijn arm steeds uit de kom haalt en dat ik Joe Pesci wil doodschieten.
3. Juggernaut in X-Men: The Last Stand
“I’m the Juggernaut, bitch!”
Echt. Ga alsjeblieft nooit meer in een film spelen. Ever.
2. Eli Wallach in The Good, The Bad and the Ugly
The Good, The Bad and the Fucking Irritant.
1. Wes Bentley in American Beauty
ROT FUCKING OP MET JE FUCKING CAMERA!!! GOD FUCKING DAMNIT!!! DOE NORMAAL!!! PRAAT GEWOON!!! WEES NIET ZO FUCKING WEIRD!!! What. The. Fuck. Can I say ‘fuck’ one more time? FUCK. Zonder hem had ik de film niet hoeven haten.


Na het zien van de bijna drie en een half uur durende productie diaries van OldBoy, een van mijn all time favorites, vond ik het weer eens tijd worden meer van Park Chan Wook te zien. Zijn wraak trilogie (Sympathy for Mr Vengeance, OldBoy en Sympathy for Lady Vengeance) mocht ik graag, en ik was al een tijdje benieuwd naar zijn nieuwste film, I’m A Cyborg, But That’s OK, waarin hij een minder geweldadige weg op scheen te gaan.
Saibogujiman kwenchana, zoals de film schijnbaar in z’n oorspronkelijke taal heet, verteld het verhaal over Young-Goon, een meisje dat denkt dat ze een Cyborg is en in een gekkenhuis beland na d’r polsen door gesneden te hebben, er electriciteitsdraden in gestoken te hebben en die met het stopcontact verbonden te hebben. Zap.
Daar ontmoet ze een hele shitload aan rare lui, waaronder Il-Sun, gespeeld door de schijnbaar superbekende Rain, al heb ik nog nooit van hem gehoord. Il-Sun steelt ‘gaves’ van mensen, al zijn die gaves dus eigenlijk hun psychoses of gekheden. Hij leent ze een tijdje. Om allerlei redenen.
Young-Goon wil dat hij haar sympathie steelt, omdat ze sympathie heeft voor de White Ones (mensen werkzaam in de medische sector) want die moet ze vermoorden om haar oma te redden.
Trust me, it’ll all make perfect sense when you watch it. Dat is het prachtige van de film, Park sleept je zonder moeite mee in de mindset van een scala een compleet gestoorde figuren, en je kan helemaal in hun wereldje komen, om er vervolgens door een ander personage weer uitgesleept te worden. Er worden geen good guys of bad guys ten tonelen gevoerd, iedereen heeft zo z’n redenen voor wat hij of zij denkt of doet, hoe gek die redenen ook zijn. Het romantische verhaaltje tussen Young-Goon en Il-Sun is mierzoet, maar je pikt het vanwege de kinderlijke aard van de figuren.
De overstap van bloederige wraakdramas naar absurdistische komedie lijkt door Park zonder moeite gemaakt. Ga dit zien. Oh, en let ook op de optiteling, dat is een van de meest coole ever.
Zijn volgende film schijnt ook een romance te zijn. Ik kan alvast niet wachten.

Ik ben groots Scarlett Johansson fan. Lost in Translation is zo ongeveer de coolste film ooit, maar er is eigenlijk weinig van haar dat ik niet waardeer. Match PointThe IslandScoopGhost WorldGirl With A Pearl EarringThe Black DahliaThe Prestige… Heck, zelfs Eight Legged FreaksA Love Song For Bobby Long, In Good Company en The Nannie Diaries vind ik stiekem leuk. Maar wat ik nu toch heb gezien…Een kostuumdrama over Anne en Mary Boleyn met Natalie Portman en Scarlett Johansson als zusjes. Los van het feit dat dat sowieso al het domste idee ooit is, de twee hebben ongeveer net zoveel uiterlijke kenmerken met elkaar gemeen als Brad Pitt en de antagonisten uit Mars Attacks!, kon ik er nog wel in komen want de twee zijn immers wat we noemen ‘coole actrices’. Eric Bana kwam bij de cast (als ferm verdediger van Ang Lee’s HULK kan ik ook hem erg waarderen) en Jim Sturgess vind ik sinds ik Across The Universe zag ook helemaal hip. De trailer zag er mooi uit. Het bleef een kostuumdrama, maar opzich kon er niet veel mis gaan. Think again…De film, die een nieuwe vorm van belichting pioniert (namelijk het niet belichten van de acteurs, maar vooral de achtergrond zichtbaar maken) staat garant voor twee uur zulk abominabel camerawerk als je zelden hebt kunnen meemaken. Elke scene duurt rond de tien seconden, waarin net het broodnodige gezegd kan worden (vergeet subtext, just say it and get it over with) waarin de camera van achter een duister object tevoorschijn schuift om even de acteurs te laten zien en dan weer achter een ander donker iets verdwijnt. En elke scene is zo. Het is niet een moment waarin ze even zo’n shot gebruiken, nee. Ze weten van gekkigheid op een gegeven moment niet meer waar achter vandaan ze de camera nu weer kunnen laten komen, dus zakt die plotseling van achter een gordijn boven een bed uit het plafond naar beneden. Waarom? Geen flauw idee. Blijkbaar was dat gordijn een belangrijk plotpunt wat mij geheel ontgaan is.Ik denk sowieso dat die er veel zijn, stukken plot die mij ontgaan zijn, niet gordijnen. Nouja, die ook, maar vooral het plot was me duister. Iedereen deed lullig tegen iedereen en dan weer niet en dan weer wel. Op een gegeven moment maakte het je helemaal niet meer uit wie er ruzie had met wie, want je wist toch dat ze elkaar drie scenes later zouden omhelzen om elkaar drie scenes later weer uit te schelden (met scenes van 10 seconden gebeurt zo’n hele routine dus in ongeveer 1 minuut, en we hadden een groffe 2 uur aan minuten). Er waren zo veel perikelen, dat je er na een half uur gewoon echt niet meer om kon geven. Ik merkte dat ik tijdens de climax waarin enkele belangrijke personages onthoofd werden (iedereen die zijn geschiedenis kent zal weten welke) nog maar zo weinig om de karakters gaf, dat ik gewoon op de kostuums van de figuranten ging letten in plaats van op de hoofdpersonen. Dit gedrag werd dan ook uitgelokt met de rare belichting waarbij de figuranten vaak meer licht kregen dan de dames Portman en Johansson, die de film vooral in het duister gespeeld hebben.De kostuums waren wel goed, dat kan ik niet ontkennen, ook het acteren van de gehele cast, vooral de twee eerder genoemde dames, Jim Sturgess, Eric Bana en Kirstin Scott Thomas wist te leveren op acteergebied. Maar kunnen ze daar een film mee redden? Vast. Dit was helaas niet die film. Ik wist aan het einde niet of Johansson huilde om wat er met Portman’s personage gebeurde of omdat ze zich realiseerde hoe slecht de film was. Waarschijnlijk zei regisseur Justin Chadwick “I need more emotion, more pain, miss Johansson.” en mompelde zij in zichzelf “Yeah, I’ll just think: ‘Where the hell is the talent?’”Want op het acteren na is de hele film zo pijnlijk overdone en slecht, ik baalde de gehele fietstocht van de bioscoop naar huis, gewoon omdat ik de hele tijd langs onscherpe objecten die zich tussen de camera en de acteurs bevonden heen moest kijken en focussen op personages die zich verstopten in schaduwplekken. What the fuck! Om onduidelijke redenen was alles met een telelens gefilmd van enorme afstand. Daardoor lopen er de hele tijd figuranten voor de acteurs langs, omdat ze honderd meter van de camera staan. Dan was er nog die belangrijke dialoog tussen Johansson en Bana waarbij de focuspuller bij Bana’s shots in slaap was gevallen, want de boel was gewoon onscherp. Daar kom je misschien mee weg als je een B-film maakt, maar hoe zo’n shot zich hier door de montagekamer heeft kunnen worstelen is me onduidelijk. Of eigenlijk: waarschijnlijk was al het andere beeldmateriaal nog kutter, en konden ze niet anders. Mijn tip: schrap de hele scene. Nee, schrap de hele akte. Er was toch geen fuck aan. Weet je wat: schrap de film. En laat de regisseur onthoofden door King Henry Tudor, hij verdient niet anders. De cinematograaf mag zich voegen bij de illustere rij van cameramensen die niet met camera’s om kunnen gaan. Zoals de mensen achter Manos: The Hands of Fate. Een critici schreef ooit over Manos de volgende waarschuwing: “Your eyes and ears will BLEED!”, gelukkig is het met deze film niet zo erg gesteld. Mijn oordeel? “Just your eyes will BLEED.”

Een van de vele voorbeelden van de prachtige cinematografie van The Other Boleyn Girl. Eric Bana in het donker, half achter een vage schim van iemand op de voorgrond (zodat je zijn mooie kostuum beter kunt aanschouwen), het licht echter valt op een figurant in de achtergrond en de focus op een stel takjes rechts in beeld. Prachtig.

Om maar even te beginnen met iets compleet idioots.

Aangezien mensen in films soms extremere dingen doen dan wij, kan het gebeuren dat die filmpersonages door de modder moeten om hun doelen te bereiken. De vijf beste films waarin de hoofdpersoon onder de modder komt te zitten.
5. Predator
In Predator, een van de… tja… twee niet stomme actiefilms die Arnold in de jaren 80 maakte (Terminator is de ander) heeft de vrijand een heat-seaking device in zijn helm. En blijkbaar werkt dat niet door modder heen. Dus gedurende de hele climax van de film heeft de held een dikke laag klei om z’n lichaam zitten.
Hey, if it works it works.
4. High Fidelity
Ben niet zo’n Cusack fan. Maar deze film kicked ass. Niet alleen omdat ik zelf net zo’n compulsieve lijstjesmaker als de hoofdpersonen ben. Bij het ontsnappen aan het oog van zijn ex klimt hij over een hek, om in een modderig bloemperkje te belanden. Ik kon geen foto vinden van John in de modder, dus heb ik er eentje van een paar scenes eerder. John in de regen. Aangezien modder uit water en zand bestaat zit ik met water dus half goed.
3. Apocalypse Now
Ze zeggen wel eens dat Apocalypse Now in elke top-lijst thuis hoort. Maar dat zeggen ze ook over Citizen Kane en ik zou bij god niet weten hoe ik die film in deze lijst kwijt zou kunnen. Apocalypse Now wel. Zie: plaatje.
Wordt trouwens tijd dat Oliver Stone gewoon downright toegeeft dat Platoon stiekem een prequel is.
2. Jurassic Park
De drie geboden voor het maken van een coole scene: Nacht. Regen. Dino’s.
1. Seven Samurai
De moeder en vader en opa en voorouder en achternicht twice removed van de moderne actiefilm. Seven Samurai heeft fucking alles. Cool, epic battles, drama, comedy, alles wat nodig is om je 3,5 uur aan je flatscreen gekluisterd te houden. Kurosawa is ook de pionieer voor het gebruik van regen, waarvoor hij moeite heeft gedaan om het goed belicht te krijgen, want met zwartwit film is het moeilijk de regen ook zichtbaar te maken voor de kijker. ‘t is ‘m gelukt. Het fucking hoost de hele third act.